Onder Woorden - Home
Home Intensiveringen Artikelen en reportages Over ons
(School)boeken
Woordenboeken
Contact
Spelling
Overig
Intensiveringen, vergelijken en overdrijven in het Nederlands

Voer een zoekwoord in:

Alfabetische lijst

A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

kanondoof (zeldzaam)

  1. Van den Ham stierf in 1912, kanondoof en door de bevolking van Lunteren op handen gedragen.

Kanondoof' als militaire term is niet 'zoo doof, dat men kanongebulder niet eens kan vernemen', maar doof door gehoorbeschadiging ten gevolge van het veelvuldig schieten met kanonnen. Dit soort doofheid is een bij artilleristen veel voorkomende kwaal (wat mijn echtvriendin kan getuigen) en wordt tegenwoordig meestal schietdoof genoemd. Aldus Leen Verhoef in het lexicografisch tijdschrift Trefwoord, 1993. Citaten waarin het woord als synoniem van 'stokdoof' wordt gebruikt zijn niet te vinden. Het woord is dus, in tegenstelling tot wat Van Dale beweert, geen intensivering.



Ontwerp door Bytes Ahead Multimedia